Wie is een extremist? Hoe gevaarlijk is dat? En kan men extremist in niets zijn of is men dat altijd? Zulke vragen stelt men zich geregeld, al of niet in uitgesproken vorm. Om deze te kunnen beantwoorden is het nodig dat men extremisme herkent en kan omschrijven welke methodes dit gebruikt.

Volgens Van Daele is iemand die uiterste nastreeft een extremist. Nu deden Eddy Merkx, Moeder Thersia, Mutatulli en vele anderen dat zeker en toch worden die hier niet bedoelt. Juister zou de term negatieve extremist zijn die men dan zonder het negatieve erbij gebruikt. De definitie is dan iemand die uitersten in het negatief zijn nastreeft.

Qua woorden lijkt het gelijk maar er is een wereld van verschil. Waar er niets tegen is om extreem van mensen te houden, extreem sport te beoefenen of wat ook men als onbeperkt menselijk doel extreem na streeft. Het positieve heeft immers geen bovengrens. Extremiteiten van positieve aard worden gekenmerkt doordat er geen absolute lijn te trekken is die extreem is. Het is even subjectief als warmte, is 57C extreem warm, of 100°C of 1500°C of 6.000°C of 15 miljoen *C of …

Een positieve extremist is dus een subjectief begrip. Het vertrekt vanuit een bepaalde positie en kijkt naar anderen die hoger vliegen en dromen van de sterren. De oneindigheid is de grens en hoe extreem kan die zijn?Hoe extreem kon Romeo van Julia houden? Dood en nog eens dood en dan ging hun liefde nog verder.

Maar hoe zit het nu met die negatieve extremist? Die kan men ook subjectief beschouwen. Als een sportkampioen kijkt naar een doorsnee huisvader zal die laatste wel negatief extremist zijn qua niets doen. Het kenmerk van negatief extremisme is dus vooral wat men afwijst, niet doet en dergelijke. In verhouding met veel is weinig natuurlijk minder. Maar het niets zijn kan ook meer absoluut omschreven worden. Nul is een te omschrijven begrip. Mensen doden of anderszins elimineren is een vaststaande en absolute grens. Men kan niet meer dan zes miljard mensen doden, meer negatief extremer kan men niet zijn. En zelfs dat is niet haalbaar zo men eerder stop bij een handvol doden.

Het afwijzen van anderen is de meest typische uiting van negatief extremisme. Maar hier bots elke extremist op beperkingen. Of men nu extremist is uit religieuze, sociale of politiek motieven, men komt in een positie dat men niets meer rond zich heeft dat men kan afwijzen. Nog meer dood en vernieling is dan zelfmoord. Sommige nemen die stap maar dan is het gedaan met extremist zijn.

Een ander mogelijkheid als men niet dood wilt is de slachtoffer-serenade. De buitenwereld van de extremist is opgedroogd maar hij kan wel lofliederen gaan zingen over wat in het huis van wie hem zou moeten aanbidden woont. Dat is dan een schijn van positief zijn maar in werkelijkheid een negatieve parasitisme.

De slachtoffer-serenade gaat over hoe mooi en liefelijk de aanbedene is maar zit vol valse noten over de arme negatieve extremist die door niemand graag wordt gezien.

Julia, hoe kan je nu zo wreed zijn om niet van Tybalt te houden. Hij was eigen bloed, hij vocht voor haar eer en hij beveiligde de balzaal. En de smerige Romeo kwam tussenbeide als de manhaftige Tybalt de grote angst aanviel. O Julia, zag je dan niet hoe je van hem moest houden.

Het is geen groot literair werk, met Romeo en Julia weet je dat je moet huilen, maar met die slachtoffer-serenade twijfelt je eerder of het lachen, huilen of wat ook moet zijn. Het verschil zit hem niet in je eigen hard of zachtheid maar in het onbestemd zijn van de slachtoffer-serenade. Er zit een zweem van mede-lijden in maar die is zo fake en lijdt tot niets dat het irreëel wordt. Wat vooral doorklinkt is dat het niets zijn wordt verheerlijk, niet Julia is dan mooi en nog minder de liefde. Wat extreem wordt verheerlijkt is de haat en het niets nastreven en stoute Julia houdt niet van niets. Over niets is niets meer te vertellen maar men kan nog wel zingen over hoe Julia niet van arme Tybalt houdt.

Samenvattend zijn er dus 2 kenmerken voor negatief extremisme, Enerzijds het extreem nastreven van nul situaties. Men wilt dat er niets blijft leven, niets mag en niets getolereerd wordt. Maar anderzijds wordt het niets zijn gevuld met zelfmedelijden en zelfbeklag gekoppeld aan zelfverheerlijking.

In de nacht van het niets zijn, galmt het van de slachtoffer-serenades. Niemand ziet die arme strijder voor het niets graag, zelfs hijzelf niet. O dochters van de vaderen waar is je mededogen met die arme man?