Staats(her)vorming is momenteel een populair thema. Diverse partijen denken naargelang hun voordeel aan het behoed en/of vormen van grote eenheden of men ziet meer voordeel in kleinere eenheden. Maar beide zijn niet verder geevolueerd dan een staatsvorming van een primitief paaldorp aan het begin van onze samenleving. Of zelfs nog minder vervallen tot nog minder samenleven en vooral veel haat, angst en onderdrukking.

Wat is in die moeraspoel nu de samenleving en waarom zijn er die diverse varianten met zoveel problemen?

De eerste vraag is wat bezielt de mens nu om in zulke woestenij en vreemde situatie te gaan leven? Het antwoord is angst en honger door uitputting van de omgeving. Het lijkt vreemd in dat paaldorp maar de natuurlijk biotoop van mensen zijn vlakten en gezellige boomgaarden. Maar de mens heeft de vreemde eigenschap om die steeds weer kaal te vreten. Hij is immers een wezen dat het ongeluk heeft om in staat te zijn om alles te oogsten wat hij maar wilt. Een ongeluk omdat deze wil oncontroleerbaar wordt en destructie voor de hele planeet wordt. Die destructie maakt dat de mens ondanks zijn quasi onbeperkte mogelijkheden toch steeds chronische honger kent.

Zowel die voedselzucht maar ook de al genoemde basismogelijkheden zorgen ook voor de tweede factor, de enorme angst van de mens voor de andere zichzelf. Een angst die geregeld tot paranoia vervalt en soorten mensen als psychopaten, verkrachters en politici aanvaardbaar tot nodig maakt.

Het paaldorp is het grootste succesverhaal van de mens geworden omdat ze een oplossing bood voor deze problemen. Enerzijds bied een moeras nog voldoende zij het beperkt voldoende voedsel. Het maakt handel en reizen mogelijk. En tegelijkertijd beperkt het door zijn constructie en moeilijke situatie de ontsporing van de mens. Een tweede voordeel is dat het een gevoel van veiligheid schept en de eigen angst vervaagt door angst om in het moeras te vallen, ziektes die erbij horen enz.

De staatsstructuur die erbij hoort is een typisch samenwerkingsverband. De voortplanting van de soort is onbelangrijker wat eerst komt is het technisch en materieel onderhoud van de palen. Een typische mannenmaatschappij van kracht en obsessie dus. De organisatie van dit geheel is in zijn primitieve vorm een familie samenwerking van gelijken. Egos verzuipen in het moeras, men heeft elkaar en vooral de produktieve paalbinders nodig. Beslissingen worden in overleg en volledige overeenstemming genomen, het is immers dodelijk als iemand een touw averechts zou binden.

Maar dan slaat die menselijke onbeperktheid toe, men dempt het moeras.

De eerste staatshervorming wordt ingezet. Het gaat niet om een beter gebruik van land, honger is er al lang niet meer. Maar de angstziekte duikt weer op. De redding ligt bij de topjager, top bestrijder van de wilde dieren die verdrinken in het moeras en er begraven liggen. Deze overwinaar en heerser van de dood, gaat verlossing geven van alle angsten en het moeras volledig doen verdwijnen. De eerste dictator is geboren. De eerste staathervorming is een catastrofe van pijn en ellende geworden.

De roep voor de tweede staatshervorming begint dus te klinken. Natuurlijk met heel tegenstrijdige visies, vetes en messengetrek. Sommige opteren voor een betere jager op groter of kleiner wild, andere willen een gedeelde staat. Een jager deugt niet, zeker niet als die, zoals jagers en vissers nogal eens doen, in zijn latijn de zaken heeft belogen. Laat toch de wildschotel bepalen en ieder voor zich een potje koken. Iedereen gelijk winnen van eigenbelang en niets voor en andere moeten doen. De eerste liberaal is opgevreten. De tweede staatshervorming is een bloedbad van strijd en uitbuiting geworden.

Een derde staatshervorming komt op de proppen, de ideologie wordt ingevoerd. De ellende is dat de mens kan denken, stopt daar dus mee en volgt het grote voorbeeld van de totem. Het bestuur zal wel denken maar niet te veel en alles wordt een geur van beer. Voor wie moeilijk doet steunen we het met drogredenen als geheime stemmen, de alwetende toverknol of andere orakels die het steeds weten zonder denken. De derde staatshervorming is een waanzin van moord en brand geworden.

En zo gaat men wel even door met hervormen, men dempt nog wat meer moeras tussen 2 hervormers door en zucht en vloekt onder de volgende. soms dromt men terug van dat stamverband om dan snel weer te ijveren voor minder moeras.

Ondanks de enorme complexiteit van dit gebeuren is er geen fundamentele andere staat gevormd dan dat paaldorp. De mens zoekt nog steeds naar een paal om op te kruipen zodat hij niet bang hoe te zijn van dat vreselijke wezen daar op de vlakte en achter die boom, zichzelf. Het moeras is gedumpt, overbrugt en gedigitaliseerd maar daar werd de staat niet gevormd. Die werd gevormd door en vooral tegen mensen.

De werkelijke nodige staatshervorming is een verandering van dat moerasidee. We hebben dat moeras gedumpd, de bomen waar we ons achter verstoppen zijn geveld, de vlakte dooradert met schuilplaatsen tegen de regen. En toch blijven we een staat vormen van wantrouwen, haat en angst. De transfers naar ellende zijn toch niet meer te becijferen. De misbruiken overtreffen de sterren. De slachtoffers talrijker dan in het moeras. Waar blijft die hervorming naar verbanden, medemenselijkheid en dat o zo vervloekte idee van dat alle mensen zusters zijn.

Als men de media en politiek tegenwoordig volgt moet de sluier wel het meest vervaarlijke wapen dat er ooit is uitgevonden zijn. Kilo’s Atoomsplitsing raken onze koude kleren niet eens maar een stukje stof van een vierkante meter, amper iets wegend doet ons bibberen en zweten tegelijkertijd. Als het zo vervaarlijk is het heel belangrijk om dat wapen te beheersen. Wie een atoombom heeft is een lastpost op het wereldtoneel, maar wie de hoofddoek zou beheersen verkrijgt de wereldheerschappij.

Men kan natuurlijk heel pacifistisch reageren en het wapen afkeuren. Met alle respect voor die drang naar vrede, is dat toch iets dat onrealistisch is en schadelijk. We leven nu eenmaal in een wereld die is zoals hij is en dat is een plaats waar men doodt en gedood wordt. We moeten dat zeker niet ongebreideld ondersteunen en nog minder dat tot waanzin laten verworden. Maar die werkelijkheid ontkennen neemt ze niet weg maar laat ze een nachtmerrie worden.

Het hoeft zeker geen betoog dat het wapen misbruiken of ermee onderdrukken helemaal geen optie is. Het doel is de mens mens te laten zijn niet haar op enige manier te verkrachten. Niet door haar te vergoddelijken maar zeker niet door haar te beschadigen.

De eerste vraag die dan moet beantwoord worden is wat is dat wapen nu eigenlijk, wat is er zo vervaarlijk aan dat lapje stof? Er is veel rond geroepen, nog meer gekrijst maar wat is er nu zo angstwekkend aan? Het gaat in de eerste plaats duidelijk over iets dat mannen bang maakt. Nu zijn we niet gauw bang, ok nu wel iets meer dan vroeger, maar toch niet van een stukje stof. En toch is dat wat een echte angstpsychose veroorzaakt waar een bomaanslag niet eens aan kan tippen.

Om die angst te verklaren kunnen we terug gaan naar de Franse revolutie. Op een litertje bloed werd toen niet gekeken, je kop verliezen was toen heel letterlijk en heel normaal. Maar als we er aan denken krijgen we een beeld zoals Delacroix schildert van de vrijheid die het volk leide. Gruwelen tot en met maar niemand die daar van bang is, 1 ding staat er op dat ons doodsbang maakt, Delacroix noemde dat de vrijheid.

We kunnen daar nu heel filosofisch over gaan doen, en ons afvragen wat vrijheid nu is. Maar laat dat maar even, het beeld verteld ons iets anders. Hoe het ook noemt, we zijn bang van die vrouw en was ze draagt. Het is zeker geen moslima maar ze draagt wel een doek op haar hoofd en het is ook weeral stof dat ons zo beklemt.

Zet daar nu een man en niemand wilt nog vrij zijn. Het ideaal dat ermee verbonden is wel vrijheid, broederlijkheid en gelijkheid. Maar al op die barricade haken we af. Vrijheid zeker, maar wie daar een broeder ziet moet wel een slag van een molen hebben gehad, en de man die zich daar gelijk aan denkt te zijn heeft de hele molen op zich gehad. Er is niets mis met dat ideaal maar er is nu eenmaal een hoofddoek waar het niet tegen op kan.

Het is ongelijk, dat gaan we zeker niet ontkennen, maar wie zou dat nu anders willen. Het is geen broeder maar zelfs een homo wilt dat niet. De oorzaak ligt al heel biologisch, wat daar staat is nu eenmaal de menselijke helft die de mens schept, baart en opvoedt. Hoe graag we dat als man ook zouden willen evenaren, het is nogal moeilijk en onmogelijk. En hier komt die stof ten tonele, we kunnen en dienen dat te omhullen met zowel bescherming als verfraaiing. Wie dat niet doet verraad gewoonweg de mens zelf.

Die biologische nood zet zich verder in de hele sociologische ontwikkeling van vrouw zijn. De betekenis van een vrouw wordt afgewogen aan de stof die er rondhangt. Een deel is dat natuurlijk seksisme maar als het enkel dat was dan gaven we toch de voorkeur aan zoiets als monokini. Maar het gaat verder Het is niet die blote borst die ons imponeert maar juist het contrast van wat bedekt is. Her geheel van stof geeft ons, en ja dat slaat op zowel mannen als vrouwen, een gevoel van bescherming tot zelf ongenaakbaar en onkwetsbaar zijn.

En dat gevoel hebben we nodig, de wereld is een angstige plaats, niet enkel op die barricade maar ook nu en hier of zelfs nog meer. En dan hebben we nood aan iets dat die angst wegneemt. Het is geen absolute dictator, we zien er zelfs heel onze vrijheid in, maar het is machtiger dan alle legers bij elkaar.

Voor mannen ligt dat wel anders, we kunnen hooguit eens ons geslacht rond onze nek binden en ermee pronken. Maar echt denderend ziet dat er niet uit. We kunnen beter pochen met een sigaar, onze auto of onklopbaar onze vrouw. En hier wringt juist het kleedje, we kunnen als man niet gelijk worden aan een vrouw dat zou gewoonweg belachelijk zijn. Maar we kunnen wel haar glorie weghalen en haar op ons laten lijken. We kunnen ze zelf iets rond de nek laten hangen dat op ons geslacht lijkt. Maar probleem is dat wij,mannen, dan niet minder angstig worden en nog minder dat een vrouw haarzelf recht kan aandoen.

In de huidige geld-verheerlijking is er geen plaats voor een betere godin dan onze Baal van goud. In de aanbidding van het geld is er geen plaats voor priesteressen, een hoer kan zelfs niet dat is al teveel oneerlijke concurrentie. En een gesluierde vrouw is een gevaarlijke bedreiging dan Bin Laden. En dan heb je natuurlijk die vrouw op die barricade maar die is te gruwelijk om aan te denken laten we maar houden bij sluiers dan ontzien we onszelf nog een beetje.

Maar hoe beperkt gekleed ze ook zal zijn die sluier maakt dan een eenvoudige vrouw meer macht heeft dan een koning of president en al zijn geweld.

We kunnen nu dus kiezen we kiezen voor de dictatuur van macht en geld of voor een sluier of iets anders dat te gruwelijk is om aan te denken.

De vrijgheid die het volk leidt, Eugène Delacroix:

Wie is een extremist? Hoe gevaarlijk is dat? En kan men extremist in niets zijn of is men dat altijd? Zulke vragen stelt men zich geregeld, al of niet in uitgesproken vorm. Om deze te kunnen beantwoorden is het nodig dat men extremisme herkent en kan omschrijven welke methodes dit gebruikt.

Volgens Van Daele is iemand die uiterste nastreeft een extremist. Nu deden Eddy Merkx, Moeder Thersia, Mutatulli en vele anderen dat zeker en toch worden die hier niet bedoelt. Juister zou de term negatieve extremist zijn die men dan zonder het negatieve erbij gebruikt. De definitie is dan iemand die uitersten in het negatief zijn nastreeft.

Qua woorden lijkt het gelijk maar er is een wereld van verschil. Waar er niets tegen is om extreem van mensen te houden, extreem sport te beoefenen of wat ook men als onbeperkt menselijk doel extreem na streeft. Het positieve heeft immers geen bovengrens. Extremiteiten van positieve aard worden gekenmerkt doordat er geen absolute lijn te trekken is die extreem is. Het is even subjectief als warmte, is 57C extreem warm, of 100°C of 1500°C of 6.000°C of 15 miljoen *C of …

Een positieve extremist is dus een subjectief begrip. Het vertrekt vanuit een bepaalde positie en kijkt naar anderen die hoger vliegen en dromen van de sterren. De oneindigheid is de grens en hoe extreem kan die zijn?Hoe extreem kon Romeo van Julia houden? Dood en nog eens dood en dan ging hun liefde nog verder.

Maar hoe zit het nu met die negatieve extremist? Die kan men ook subjectief beschouwen. Als een sportkampioen kijkt naar een doorsnee huisvader zal die laatste wel negatief extremist zijn qua niets doen. Het kenmerk van negatief extremisme is dus vooral wat men afwijst, niet doet en dergelijke. In verhouding met veel is weinig natuurlijk minder. Maar het niets zijn kan ook meer absoluut omschreven worden. Nul is een te omschrijven begrip. Mensen doden of anderszins elimineren is een vaststaande en absolute grens. Men kan niet meer dan zes miljard mensen doden, meer negatief extremer kan men niet zijn. En zelfs dat is niet haalbaar zo men eerder stop bij een handvol doden.

Het afwijzen van anderen is de meest typische uiting van negatief extremisme. Maar hier bots elke extremist op beperkingen. Of men nu extremist is uit religieuze, sociale of politiek motieven, men komt in een positie dat men niets meer rond zich heeft dat men kan afwijzen. Nog meer dood en vernieling is dan zelfmoord. Sommige nemen die stap maar dan is het gedaan met extremist zijn.

Een ander mogelijkheid als men niet dood wilt is de slachtoffer-serenade. De buitenwereld van de extremist is opgedroogd maar hij kan wel lofliederen gaan zingen over wat in het huis van wie hem zou moeten aanbidden woont. Dat is dan een schijn van positief zijn maar in werkelijkheid een negatieve parasitisme.

De slachtoffer-serenade gaat over hoe mooi en liefelijk de aanbedene is maar zit vol valse noten over de arme negatieve extremist die door niemand graag wordt gezien.

Julia, hoe kan je nu zo wreed zijn om niet van Tybalt te houden. Hij was eigen bloed, hij vocht voor haar eer en hij beveiligde de balzaal. En de smerige Romeo kwam tussenbeide als de manhaftige Tybalt de grote angst aanviel. O Julia, zag je dan niet hoe je van hem moest houden.

Het is geen groot literair werk, met Romeo en Julia weet je dat je moet huilen, maar met die slachtoffer-serenade twijfelt je eerder of het lachen, huilen of wat ook moet zijn. Het verschil zit hem niet in je eigen hard of zachtheid maar in het onbestemd zijn van de slachtoffer-serenade. Er zit een zweem van mede-lijden in maar die is zo fake en lijdt tot niets dat het irreëel wordt. Wat vooral doorklinkt is dat het niets zijn wordt verheerlijk, niet Julia is dan mooi en nog minder de liefde. Wat extreem wordt verheerlijkt is de haat en het niets nastreven en stoute Julia houdt niet van niets. Over niets is niets meer te vertellen maar men kan nog wel zingen over hoe Julia niet van arme Tybalt houdt.

Samenvattend zijn er dus 2 kenmerken voor negatief extremisme, Enerzijds het extreem nastreven van nul situaties. Men wilt dat er niets blijft leven, niets mag en niets getolereerd wordt. Maar anderzijds wordt het niets zijn gevuld met zelfmedelijden en zelfbeklag gekoppeld aan zelfverheerlijking.

In de nacht van het niets zijn, galmt het van de slachtoffer-serenades. Niemand ziet die arme strijder voor het niets graag, zelfs hijzelf niet. O dochters van de vaderen waar is je mededogen met die arme man?

Het is zowat het enige taboe dat in onze samenleving nog overeind staat. Als broer en zus mag je niet van elkaar houden. Er zijn biologische en sociale argumenten qua diversiteit voor. Zo zullen er ook wel argumenten zijn om zwaarlijvigen te elimineren, politiekers naar de zon te sturen en zieken te castreren. Waanzin, maar zelfs qua waanzin hebben we geen taboe meer.

Wat is er dan zo vreselijk aan incest dat dat wel standhoudt?

Er is iets meer mee aan de hand dan het pure seksuele aspect. Met wie en hoe je seks bedrijft is enkel bij fanatici nog een probleem. En zelfs of zeker die zouden heel hoge stemmen krijgen als er castratie op stond.

Het gaat dus over de intermenselijke relaties die men met zaken als graag zien, waarderen, beminnen enz omschrijft Zaken zoals menselijkheid, broederlijkheid, liefde of hoe men het ook noemt, die een oneindig aantal gradaties kennen. Er is geen beperking tot hoever men menselijk kan zijn. Er is geen bovengrens op hoeveel men kan houden van elkaar. Dat erkennen zal voor niemand echt een probleem zijn.

Maar wat men wel steeds weer probeert is een minimum van menselijk zijn op te leggen. Mag er zeker zijn daaronder zou men niet eens moeten willen komen. maar dat minimum verheft men dan wel tot regel. Om het eenvoudig te houden kunnen we het beleefdheid noemen. (het is complexer dan dat, maar het is wel de kern) Wees beleefd en alles is in orde.

Tot hier ziet men waarschijnlijk wel geen probleem. Maar er is een klein probleempje, zestig jaar geleden hebben we als complete mensheid een wet aangenomen die we als hoogste ideaal beschouwen, de rechten van de Mens. En waar begint die mee:
Alle mensen worden vrij en gelijk in waardigheid en rechten geboren. Zij zijn begiftigd met verstand en geweten, en behoren zich tegenover elkander in een geest van broederschap te gedragen.
Geen nieuw iets de Franse revolutie kende het al en het is al ouder dan de straat.

Maar welke mens kan het nu met zijn geweten laten overeenstemmen om beleefd te zijn tegen zijn broer of zus? Soms wil je die wel doodslaan, maar beleefd tegen zijn ???

We zitten dus met een enorme tegenstrijdigheid die we blind willen negeren. We willen beleefd zijn terwijl alles in ons zegt om het niet te zijn. Een tegenstrijdigheid die we betoneren in ons taboe, broer en zus mag elkaar niet liefhebben. Wat we willen zeggen is dat ze niet beleefd tegen elkaar mogen zijn. Niet dat ze elkaar de kop in moeten slaan maar de norm is gewoonweg te klein om nog te gelden.

Maar het gaat verder dan dat taboe. Nu kunnen we niet meer beleefd zijn omdat we die universele broeder/zuster beginnen door te krijgen. Dat beleefd zijn wringt steeds meer. Want wat men vooral tegenkomt is dat men broeder is. We hebben geen wet om beleefd zijn te vervangen, die kan niet bestaan. Maar we krijgen door dat met beleefd zijn we onmensen zijn. Men kan dan depressief, ontmoedigd of zo worden en maar berusten bij onmens te zijn. Desnoods slaan we onze broer maar dood of verkopen we onze zuster.

Maar dat is natuurlijk waanzin en bedreigend voor ons voortplantingsvermogen zo dat er niet veel meer over schiet dan dat we onze laatste taboe gaan opblazen. We hebben geen nood aan een paar matrassen meer maar wel nood aan het doorbreken van die beleefdheidsmuur. Het is terecht verboden om beleefd tegen je broer/zuster te zijn er bestaat geen onmenselijker iets dan ze niet te omhelzen.

Welke politieke overtuiging zou nu al het meest slachtoffers hebben gemaakt? Racisme heeft zeker al een hele palmares. Kapitalisme heeft zeker elke diamant met bloed afgekocht, De weg van communisme en tal van andere idealen is ook bezaaid met doden. Maar er moet toch een kampioen zijn namelijk de neutraliteit.

Het is zeker een vreemde bewering, iedereen zal men wel kandidaat stellen voor die tittel behalve juist de neutraliteit. Die is immers toch boven elke verdenking verheven, heiliger dan de grootste heilige ooit is geweest. Maar toch is ze de kampioen in alle gewichtsklassen en van alle tijden.

Laten we eerst naar de feiten kijken. We pakken een van de grote kanshebbers het nazisme, we kijken niet op een paar miljoen, ineens alles doden van de 2de wereldoorlog, 62 miljoen. Wie doet er beter? Er is een politiek idee dat jaarlijks 9 miljoen mensen laat sterven aan honger alleen. Tientallen miljoenen sterven er rustig voort aan gebrek, slechte omstandigheden maar vooral terwijl er niemand naar omkijk. O ja, we steunen wel via de lotto, zenden eens een tanker of schelden de schuld kwijt maar over het algemeen blijven we heel bescheiden.

Men kan dit wel op andere politieke en religieuze ideeen steken, geldzucht, hebzucht, machtsmisbruik, kapitaal, sociale of religieuze onderdrukking allemaal dragen ze hun steentje bij. Maar 1 ding maakt het allemaal mogelijk en dat is onverschilligheid, de bekende neutraliteit. Zelfs een deel van die 62 miljoen van WOII is niet aan racisme, haat of hebzucht te wijten. Zowel direct als indirect duikt ook toen het spook van neutraliteit op.

Heel neutraal liet men oorlog, hongersnood en alle mogelijke menselijke ellende begaan op een schaal waar zelfs de grootste politieke beweging groen bij uitslaat.

Waarom vinden we neutraliteit dan zo heilig? Onverschilligheid is anders nooit een deugd geweest. Het is zo smakeloos als maar kan zijn, het heeft geen dromen geen beelden, geen idealen. Het heeft gewoonweg niets. Het brengt ook niets op, we worden er niet wijzer van, niet rijker en niet meer mens. Het is, blijft en wordt niets.

Er is wel een heel oud droombeeld, nog van toen we geloofde dat de zon rond ons draaide. Dat droombeeld heet objectiviteit en absoluut weten. Het klonk zo mooi wij de allermachtigste mens konden absoluut en boven elke subjectiviteit verheven oordelen over de hele wereld en omliggende universum. En toen draaide die aarde ineens maar rond de zon. Op dat moment stierf ook onze mogelijkheid om neutraal te zijn. Het was weliswaar een droom maar we zagen hem toch niet graag sterven. Maar niet getreurd we hebben hem niet laten sterven of we wekken hem wel terug tot leven en doen gewoon of we van niets weten.

Neutraliteit is de illusie dat we onszelf in het centrum bevinden en van daaruit alles beschouwen en zien dat het goed is. Een groots zelfbedrog want het centrum waar we rond draaien is zo warm en zoveel licht dat we er niet eens naar kunnen kijken. En nog erger want door dit bedrog menen we ons in staat om over leven en dood te gaan. Of nog sterker we laten mensen gewoonweg maar doodgaan, we zijn immers neutraal en kunnen, mogen en willen onze neutraliteit niet verliezen. En wee hen die die zou bedreigen, die treffen we met alle plagen van Egypte.

Het is wel moeilijk om een heilig beeld zomaar te laten vallen. Maar zouden we niet beter de meest ondenkbare gruwel worden dan verder de walging en dood van neutraliteit te blijven onderschrijven. En wie weet misschien zijn er wel alternatieven die toch zo slecht niet zijn, heel partijdig van elkaar houden bvb.

Het onderwerp wordt eentonig maar de ziekte blijft helaas bestaan. Hoe diep de Islamfobie in ons denken is geslopen kon men deze week op diverse Indymedia’s en in Knack terugvinden.

De dichter Benno Barnard schreef in Knack een kolom getiteld een dode wereld. Het idee en slot liep parallel met de editoriale kolom. Als intelligentsia de oudste documenten van een beschaving bij het afval zetten omwille van een frustratie hebben we ons verfijnd tot wilden (sic). Die oudste documenten zijn dan resp de Bijbel en het Gruuthuuse-handschrift.

Hij dweept zelf wat met de dodelijke liberale neutraliteit maar het artikel is een grote oproep tot respect verbonden aan een waardering voor zijn eigen religieuze ouders en grootouders. Als Agnosticus kan hij dan ook zonder probleem beweren dat zowel het katholicisme als het protestantisme irrationeel en een horreur zijn maar toch hun waarde hebben en nu eenmaal datgene zijn waar ons zijn op terugvalt.
Heel mooi en verdraagzaam dus.

Maar ik citeer even zijn oproep tot tolerantie:
Fundamentalistisch protestantisme is een horreur, maar heeft tenminste niet de gewoonte zichzelf in het openbaar tot ontploffing te brengen. Wat het katholicisme betreft, dat is misschien irrationeel, maar al geruime tijd niet gewelddadig.Wie de paus de bloederige geschiedenis van zijn Kerk verwijt, kan ook de voorzitter van de Europese socialisten de stalinistische zuiveringen onder de neus wrijven.

Er zit al een inschattingsfout in zijn bewering. Fundamentalistisch protestantisme heeft vandaag in de vorm van Bush een halve wereld tot de rand van explosie gebracht. Er bestaat nog steeds een grote hoop katholiek geweld zowel in gezinnen als internationaal. En ja zowel de Paus als die voorzitter mogen gerust de gevolgen van hun eigen ideologie beseffen. Een Sartre heeft bvb al uitvoerig beschreven dat Stalin geen losstaande figuur is maar het communisme en socialisme incarneert. En hetzelfde geldt voor Paus en katholicisme.

Ze zijn allemaal wel meer dan hun geweld en terreur maar die zit er wel onlosmakelijk in. Maar wat geweld met liefde toedekken gaan we nu niet kwalijk nemen.

Erger is de vergelijking die er in zit.
Zeker het protestantisme heeft niet de gewoonte zelfmoord te plegen, enkel de katholieke kerk had dat ooit maar toen had men nog geen bommen. Over welke religie zou hij het dan wel hebben, is er een religie of stroming waar zich opblazen de gewoonte is? De Ieren doen dat wel al geruime tijd maar dat zijn katholieken die niet gewelddadig zijn of toch protestanten maar die gebruiken vooral ander geweld. De Basken kunnen er ook wat van maar nee, die zijn ook katholiek en niet gewelddadig. Tegenwoordig iets minder in trek maar er zijn ook Communisten en Anarchisten die van bommen houden maar die vergelijk men normaal toch niet met een religie.

Natuurlijk weet iedereen wat hij bedoeld, wie weet nu niet dat de Islam de gewoonte heeft om zich op te blazen. Ik weet dat niet, maar dat zal wel aan mij liggen. Ik weet dat een Ier meer die gewoonte heeft dan een Islamiet. Een Amerikaanse protestant zal dan weer eerder alles kapot schieten en wat een Chinees allemaal kan qua dood is om een hele bibliotheek te vullen. Toch heb ik onder mijn vrienden Ieren, komt een Amerikaanse officier hier koffie drinken en feesten dat die Chinezen kunnen..
Ben ik nu levensmoe of is die ‘gewoonte’ niet zo gewoon?

Maar de Islam daar moeten we bang voor zijn die blazen zich allemaal op. Je moet Antwerpen maar zien, een grote reeks van putten van opgeblazen Islamieten. Of zijn die het geweld van iemand anders?

Het is heel verdoken maar staat wel op een lijn met het irrationele veroordelen. Marie en Damiaan zullen wel heel irrationeel zijn maar zouden die geloven dat Rome in brand werd gestoken door een religie? Zou een Engel nu echt zoveel irrationeler zijn dan Antwerpen vol bomkraters?
Hoe dan ook, van een engel was men niet bang van die bomkraters wel.

Het probleem rond geweld en terreur is niet de rede. Het is heel rationeel om iedereen af te maken. Je kunt het zelfs in de cinema gaan bewonderen, je kunt in full color gaan bekijken hoe de meest rationele denker ooit vertoond op het witte doek een psychopaat is.
We mogen en moeten zelfs redelijk blijven maar we kunnen niet zonder de andere mens die we zijn. En daar zit juist het gevaar, als we van die andere mens enkel angst en frustratie overhouden. Want dat kunnen we niet wegdenken. Dan beginnen we met boeken te vergeten en worden we deel van de Hanibal saga. Of nee we worden erger want die vergat geen boeken en had geen angst.

Op Kif-Kif verscheen een uitgebreide analyse omtrent het fenomeen Islamfobie. Wat er echter maar heel vaag was is wat nu het antwoord op die fobie was.
Door de VN (Durban,2001) is islamfobie al bestempeld als een vorm van racisme, dat dat ook daadwerkelijk zo is behoeft geen betoog. Maar voor wie het toch wilt ontkennen hier de slotwoorden van Kif-Kif:

Door de normalisering van het concept islamofobie wordt een retorisch draagvlak gecreëerd om moslims steevast af te schilderen als minderwaardig, vrouwonderdrukkend en terroristisch. Het vormt een vrijgeleide om antimoslim racisme te rechtvaardigen als terechte kritiek. Het concept islamofobie is failliet, de vlag dekt de lading niet en het racisme wordt onzichtbaar. Een eerlijke en doeltreffende strijd tegen racisme en discriminatie ten aanzien van moslims moet vertrekken vanuit de erkenning van het concept islamofobie als een reële, maatschappelijk verankerde en dominante vorm van racisme. Zoniet lijkt elke strijd op voorhand gedoemd om te mislukken.
En dan volgt that is all folks.

Maar het zou hiermee moeten beginnen, islamfobie is een pest geen twijfel, maar hoe beantwoord men ze en vooral hoe geneest men er van?

Het eerste antwoord ligt bij de definitie van racisme zoals bvb in de antidiscriminatiewet. Als islamfobie racisme is, is islamfobie ook een angst tegen een niet bestaand onderscheid tussen mensen. Nu wijst de term fobie wel in die richting, maar daarentegen is het woord Islam wel meer aanvaard dan ras om een onderscheid te maken. Nochthans bestaat er net zomin als een ras zoiets als De Islam.

De Islam is net zoals Christendom, Socialisme enz een verzamelnaam voor een hele varieteit aan mensen en gedragingen. Men kan bang zijn voor een Taliban maar dat is evenmin De Islam als de mensen achter Yousuf, een homoseksuele Islam beweging. Met zijn alle, de zoveel miljoenen, vormen ze de Islam. Hier in Belgie zit er zelfs geen Taliban in de Islam maar leeft en werkt wel Yousuf.

Het lijkt iets heel banaal maar men heeft wel angst van Antwerpse Islamitische meisjes omdat de Taliban meisjes zoals hen stenigen. Als men het onderscheid beter zou trekken, wat men wel of niet wilt, zou er heel veel al tot belachelijk worden herleid of juist blijken steek te houden.

Geen schijn-argumentatie zoals beweren dat men geen hoofddeksels wilt en dan iedereen een pet opzetten. Dat is maar een excuus om het een wettelijk kleurtje te geven. Maar een degelijk onderbouwd verlangen bvb we willen dat vrouwen vrij hun keuze kunnen maken en zelfs niet bang moeten zijn van mannen. Die sukkelaars bijten toch niet al te veel. Maar heeft men als stad van alle seksisten dan nog wel enige echte grond om dan iets te eisen? We laten vrouwen niet eens toe om ons te besturen en dat van de trap gooien dat deden we ook niet zeker.

Zo kan men terecht burgeroorlogen en soortgelijke wreedheden veroordelen ook al gebruikt men daar de naam Islam. Analoog kan men ook de Joodse staat veroordelen zonder daarom antisemiet te zijn. Maar zelfs die veroordelingen worden racisme als ze niet gebeuren uit verontwaardiging voor de wandaden maar uit angst voor De Islam (of Jood). De wandaden bestaan maar er is geen Islam die ze pleegt, dat doet een of andere figuur.

En de meeste van die wandaden zo niet alle zijn tegen mensen zoals die meisjes waar ons stadsbestuur bang voor is. We zouden beweren mensenschenders te veroordelen door hun een handje te helpen in het behandelen van hun slachtoffers. We gaan nog eerder een zelfdenkende camera in onze straat hebben hangen.

Een tweede en zeker niet onbelangrijk punt is wat men Islamkritiek zou kunnen noemen. Een punt waar religies maar ook politieke stromingen het dikwijls moeilijk mee hebben, is dat men een bedenking maakt over wat ze denken. Het probleem hierbij is dat men dan dikwijls en langs beide kanten verwart wat zijn en denken is.

De uitspraak ‘ik denk dus ik ben’ is cliche geworden en over denken en zijn zijn al heler bibliotheken gevuld. Maar het probleem is dat woordje dus, omdat men denkt weet men dat men is. Maar het betekent niet dat het denken het zijn zelf is. Het is dus niet omdat men een gedachte van iemand bekritiseerd dat men de hele persoon bekritiseert of dat zou mogen.

Er is een hoop Islam-kritiek ook door Islamieten zelf. Het is binnen de Islam zeker niet minder gekend dan in eerder welk beweging. Zelfs onze wetenschap heeft het uit de Islam geleerd. Maar zowel door misbruik als door wantrouwen is het, zoals ook elders gebeurd, verworden tot een elitair iets en mist het zodoende zijn mogelijkheden om als antwoord tegen de fobie te kunnen werken.

Het is anders het meest krachtige middel en nuttig voor alle betrokkenen zowel Islamieten als anderen. Een eerlijke en correcte kritiek kan niet gebeuren samen met een fobie. Beide gaan niet samen met elkaar en de kritiek is als rede dan veel sterker dan de angst voor niets. Men mag alleen niet bang zijn voor kritiek.

Er zullen zeker nog andere mogelijkheden of verruimingen mogelijk zijn. We weten nu al 6 jaar en langer dat islamfobie racisme en tegen de mens is. We weten hetzelfde al 60 jaar als het over Joden gaat. Wordt het dan niet heel hoog tijd dat we eens gaan nadenken en toepassen wat de antwoorden op die angst zijn?

Zijn we al niet lang genoeg bang?

Vandaag vertrekt dus de trein naar Antargia. Het begon al direct met een burgeroorlog tussen het zuiden en het noorden, Wallonië en Vlaanderen. Op zich is het niet veel meer dan een humoristisch aandachtrekken van een Waalse televisiezender. Maar honderden maakte zich ongerust en tot in de toppen van de bomen was men geschokt.

Aan informatiemiddelen is er anno 2006 in België toch geen gebrek. Bibliotheken om de vijf straten, scholen om de drie, een universiteit in elke grote stad en een campus voor de kleintjes. Leerplicht en dwang tot men de school kotsbeu is. Meer drukkers dan bakkers. En gaat zo maar door.

Wat ontbreekt mensen dan wel om niet in staat te zijn om de juiste trein naar het buurland te vinden? Lezen, rekenen en klokkijken kunnen we allemaal maar de vraag is hoe dat nu een trein op tijd kan laten rijden. Een honderd jaar geleden was dat vanzelfsprekend maar nu weten we niet hoe we dat moeten bedenken.

Nu de trein is vertrokken, nu maar hopen dat we ergens aankomen tussen de strijdende partijen.